13 Crisis voor wagenbouwers: bouwplek is verdampt Een oud probleem dat nog groter werd door corona Het is 2 jaar geleden dat er een grote optocht was. Dat er karren werden gebouwd. Met enige zekerheid durven we te stellen dat er in 2023 wel weer gewoon optochten zijn zoals we dat gewend waren. Maar, er is wel een crisis. Niet vanwege stikstof, niet vanwege woningnood, maar vanwege bouwplek-nood. Om karren te bouwen heb je een bouwplek nodig, maar die zijn schaarser dan ooit. Het was al schaars, maar de coronacrisis heeft dit geen goed gedaan. Maar wat is nu eigenlijk het probleem, laat staan een oplossing? Je moet dit bekijken vanuit verschillende hoeken: de clubjes, de organisatoren, bouwplek eigenaren en een externe blik. De clubjes Het is een goed gebruik dat onze jeugd, vanaf de leeftijd van 14 jaar, in vriendengroepen mee gaan doen aan de optochten in de gemeente. Meerijden in een optocht is slechts het sluitstuk, bijna een excuus om samen tijd door te brengen. Als groep heb je iets om naar toe te werken en te leven. Er wordt samen gebouwd en vergadert, vriendschappen ontstaan. In onze gemeente zijn er ruim 30 (!) grote carnavalsgroepen in de leeftijd van 13 tot 45 jaar. Om mee te doen moet je een kar maken, en om een kar te maken heb je een bouwplaats nodig. Als je een echte mooie wagen wil maken, dan begin je al in september / oktober met bouwen. Dat kan alleen als je zo lang een bouwplek hebt, dus voor een maand of 5. Realiteit voor vele groepen is dat ze vaak pas na oud- en nieuwe welkom zijn. Dus 1, maximaal 2 maandjes bouwtijd. In zo’n korte tijd bouw je geen top-3 wagen. En mooie wagens bouwen is net als autorijden. Je rijbewijs halen is één ding, maar door het maken van kilometers wordt je een goede chauffeur. Mooi bouwen en het hebben van een bouwplek, het hangt aan elkaar. En bouwplek is inmiddels net zo schaars als een koophuis voor starters…. Twee jaren van niet bouwen hebben echt niet geholpen. De bouwplek eigenaren Als je rondwandelt in de gemeente zie je heel veel bedrijven, actief of in inmiddels in ruste, met grote schuren. Plek zat, waarom hebben clubjes zoveel moeite met het vinden van een bouwplek? Meerdere factoren zijn daarop van invloed. Allereerst zijn de overheidsregels, of het nu gaat om brandveiligheid of voedselveiligheid, een stuk strikter dan 20 jaar geleden. Bedrijven lopen meer risico’s als er “gehobbyd”wordt in hun productieomgeving. Daarnaast staat er nog maar weinig van de schuren leeg. Niet alleen woningen zijn duur, ook bedrijfsruimtes zijn goud waard, de vraag naar ruimte is zo groot dat veel wordt verhuurd, voor prijzen die carnavalsgroepen niet kunnen betalen. Het aantal caravans, boten en campers is in de coronaperiode enorm toegenomen, dus ruimte is nog schaarser. En als je dan toch ruimte hebt voor een bouwgroep dan is er voor de eigenaar ook nog het element van “overlast”. Maken ze er geen zooitje van, wordt er opgeruimd? Je moet wel een echt carnavalshart hebben om ruimte gratis beschikbaar te stellen in plaats van dit te verhuren voor een vast bedrag per maand. De organisatie De teskesdurperroad is de organisator van de optocht. Als raad en organisator is het de kunst om een leuke, mooie en veilige optocht te organiseren die leuk is voor publiek en deelnemers. Zonder publiek is rondrijden met een kar ook maar een zielige bedoeling. Maar een optocht met weinig (mooie) karren trekt ook geen publiek. De Teskesdurperroad zit in dit spanningsveld, dit kipei verhaal, de vizueuze circel: geen bouwplek = geen mooie karren = geen mooie optocht = geen behoefte aan bouwplek?? Externe blik: hoe gaat dat op andere plaatsen? Als we om ons heen kijken dan valt al snel iets op. Den Bosch heeft een centrale bouwhal waar clubjes het hele jaar terecht kunnen om aan hun kar te werken, mede mogelijk gemaakt door gemeente en de Oeteldonkse Club. Ammerzoden mag de oude loods van het bedrijf Ahlmann gebruiken als centrale bouwschuur. Zaltbommel heeft een centrale bouwhal gerealiseerd door de raad van 11 met steun van de gemeente. In Zaltbommel zien we een stabiel bouwproces: er zijn 5 groepen die de ruimte hebben om te bouwen, ook op tijd kunnen beginnen en tegen acceptabele kosten. Wie kan ons helpen? De Teskesdurperroad onderzoekt of er een centrale bouwhal gerealiseerd zou kunnen worden als uitweg voor de bouwplek-crisis. Daar heb je grofweg 3 dingen voor nodig. Allereerst een stuk grond waarop een bouwhal mag komen te staan, ook vergunningstechnisch. Als tweede een financieringsplan voor de investering, het bouwen van de hal. Als laatste een sluitende jaarlijkse begroting voor de exploitatie (verzekering, licht, water). In Ammerzoden, Den Bosch en Zaltbommel is dat gelukt. Er zijn veel meer plaatsen in de gebieden waar carnaval wordt gevierd, dus we moeten dat in Teskesdurp ook voor elkaar kunnen krijgen! Maar, de Teskesdurperroad, als simpele vrijwilligersvereniging, kan dit niet alleen. We kunnen wel initiatief tonen om dit voor elkaar te boxen. Maar we zoeken daarom hulp. We komen graag in contact met partijen die hier iets in kunnen betekenen. (voorzitter@teskesdurp.nl) zal k aanders ekkes un glôske steloewègenieoan vur oe inschinke?
RkJQdWJsaXNoZXIy MjY1MDQ=